Ontgronding

  • Omschrijving

    Ontgronding betekent dat u de bodem afgraaft en daardoor verlaagt. Dit geldt voor land (het maaiveld) en de waterbodem. U haalt hierbij een grondlaag weg zoals klei, veen, zand of grind. Voorbeelden van ontgronding zijn:

    • zandwinning;
    • waterberging;
    • natuurontwikkeling.

    Iedereen die de bodem gaat afgraven, heeft een ontgrondingsvergunning nodig.

    Op de website van de provincie bij ontgrondingsvergunning ziet u of u een vergunning nodig heeft en wat u dan moet doen.

  • Hoe werkt het?

    • Bespreek uw plannen eerst met de gemeente. De gemeente kan u vertellen wie de beheerder is van de bodem die u wilt afgraven. Dit kan Rijkswaterstaat zijn of de provincie.
    • Daarna vraagt u de vergunning aan bij de beheerder. Soms hoeft u geen vergunning aan te vragen maar moet u alleen een melding doen.
    • De beheerder maakt een ontwerpbesluit over uw aanvraag. Dit besluit is te bekijken bij de gemeente. Iedereen kan binnen 6 weken zijn of haar mening hierover geven. Als u het niet eens bent met het ontwerpbesluit, geef dan aan waarom u het niet eens bent met het besluit.
    • U ontvangt vanzelf bericht of u de vergunning krijgt.
  • Wat heeft u nodig?

    U geeft de volgende informatie aan bij uw aanvraag:

    • soort werkzaamheden dat u wilt uitvoeren en de plaats (adres);
    • hoeveelheid en diepte van de ontgronding;
    • soort materiaal dat u gaat afgraven;
    • datum waarop u begint met ontgronden en de (geschatte) duur;
    • adresgegevens en toestemming van de grondeigenaar.
  • Hoe lang duurt het?

    De provincie neemt binnen 26 weken een besluit over uw aanvraag.

  • Goed om te weten

    De voorwaarden om een ontgrondingsvergunning te krijgen zijn onder andere:

    • de ontgronding komt overeen met het bestemmingsplan;
    • de eigenaar van de grond geeft toestemming voor de ontgronding.

    Geen vergunning nodig

    Voor de volgende werkzaamheden in de bodem hoeft u geen vergunning aan te vragen:

    • aanleg en onderhoud van watergangen (niet breder dan 15 meter en niet dieper dan 3 meter)
    • normale werkzaamheden voor land-, tuin- of bosbouw
    • het planten en rooien van bomen, struiken of andere gewassen
    • bouwen van bouwwerken
    • onderhouden of opruimen van bouwwerken, kelders, graven
    • boren in de grond
    • opruimen van buizen, palen en kabels
    • maken, onderhouden of opruimen van waterputten, reservoirs, bassins en soortgelijke werken

    Er kan voor de bovengenoemde werken wel een omgevingsvergunning nodig zijn op grond van het bestemmingsplan. Via Omgevingsloket online kunt u nagaan of u een omgevingsvergunning nodig hebt.

  • Meer informatie

    • Voor ontgrondingen in de Noordzee en in de ‘natte gedeelten’ van de rivierbedding moet een vergunning bij Rijkswaterstaat worden aangevraagd.
    • Voor ontgrondingen in rijkswateren moet u een ontgrondingsvergunning aanvragen bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu

    Schadevergoeding

    Als u schade hebt door het afgeven, wijzigen of intrekken van een ontgrondingsvergunning, dan kunt u in aanmerking komen voor een schadevergoeding. U kunt de schadevergoeding aanvragen bij de instantie die de ontgrondingsvergunning heeft afgegeven, gewijzigd of ingetrokken.

Terug

Pagina opties