Bijna 16 miljoen voor ontwikkeling stationsgebied Deurne
Rijk en regio stellen Deurne twee flinke bijdragen in het vooruitzicht. De eerste bijdrage komt uit het Maatregelenpakket A67. Het gaat om € 4,28 miljoen Rijksgeld voor de aanleg van een ongelijkvloerse kruising voor voetgangers en fietsers bij het station. De tweede bijdrage komt uit de Beethovendeal - Korte Termijn Maatregelen 2, Regionale Hubs. Deze is € 11,5 miljoen groot. Deze is vooral bedoeld voor extra auto- en fietsparkeerplaatsen bij het station.
De nieuwe ongelijkvloerse kruising en extra auto- en fietsparkeerplaatsen moeten de verkeersveiligheid vergroten, barrières wegnemen en het station beter toegankelijk maken voor reizigers uit Deurne en de regio.
De gemeentelijke bijdrage aan de beoogde ongelijkvloerse kruising wordt op dit moment geraamd op € 4,37 miljoen. Daarbij wordt gekeken naar medefinanciers, zodat niet alleen de gemeente dit bedrag hoeft op te brengen. Voor de Korte Termijn Maatregelen geldt dat Deurne € 1,08 miljoen in een regionale Bereikbaarheids-pot van de Metropoolregio Eindhoven dient te storten. Beide projecten worden verder uitgewerkt in IntegraalHandelingsPerspectief Station Deurne – stap 3.
Wethouder Helm Verhees: “Deze subsidie onderstreept het regionale belang van Deurne als vervoershub”
Wethouder mobiliteit Helm Verhees is zeer tevreden met de toekenning:
“Met deze bijdragen zetten we een grote stap richting een veiliger, prettiger en toekomstbestendig stationsgebied. De ongelijkvloerse kruising is niet alleen een oplossing voor Deurne zelf, maar voor de hele regio. Dagelijks stappen hier duizenden reizigers over – uit Helmond, de Peelgemeenten en zelfs van verder. Het Rijk, provincie en regio bevestigen met deze subsidies dat Deurne een regionale vervoershub is die van grote waarde is voor de bereikbaarheid in Zuidoost-Brabant. Dit is goed nieuws voor onze inwoners én voor de toekomst van Deurne.”
Maatregelenpakket A67: waarom is dit geld beschikbaar?
Het Maatregelenpakket is ontstaan door het restbudget A67. Er is een restbudget beschikbaar gesteld, nadat het Rijk in 2022 de geplande verbreding van de A67 tussen Geldrop en Leenderheide moest pauzeren vanwege stikstofproblematiek en capaciteitstekorten bij Rijkswaterstaat. Een deel van het geld dat voor dat traject was gereserveerd, is toegezegd aan korte(re) termijnmaatregelen in de regio.
Om de regio toch te ondersteunen in het verbeteren van bereikbaarheid en leefbaarheid, is in januari 2026 besloten om € 20,7 miljoen in te zetten voor regionale projecten met directe meerwaarde voor mobiliteit.
Binnen deze regeling kon de regio voorstellen indienen die bijdragen aan het verminderen van knelpunten, het verbeteren van verkeersveiligheid en het versterken van duurzame mobiliteit. Deurne diende hiervoor het project Ongelijkvloerse kruising voetgangers en fietsers – Regionale hub station Deurne in, dat vervolgens door het Rijk is goedgekeurd.
Belangrijke voorwaarden bij de besteding van het restbudget zijn:
- Het Rijk financiert maximaal 50% van een project.
- Eventuele kostenstijgingen worden niet gecompenseerd door het Rijk.
- Projecten moeten bijdragen aan regionale mobiliteit en leefbaarheid.
- Het pakket is niet adaptief: er kunnen geen nieuwe projecten worden toegevoegd.
Met de toewijzing aan Deurne bevestigt het Rijk het regionale belang van het station als mobiliteitshub.
Waarom geld uit Beethovendeal, Korte Termijn Maatregelen 2 beschikbaar?
Als onderdeel van het Beethovenconvenant uit maart 2024 hebben Rijk en regio afgesproken om KTM2 te ontwikkelen. Dit betreft een gezamenlijke investering van €200 miljoen in regionale maatregelen die bijdragen aan een betere bereikbaarheid, toekomstbestendige mobiliteit en het faciliteren van de urgente verstedelijkingsopgave in onze regio. Dit in navolging van het vergelijkbare Korte Termijn Maatregelenpakket 1 (KTM1) uit de Brainportdeal. Uiteraard zijn er voorwaarden aan dit investeringspakket verbonden, waaronder een realisatie vóór 2034.
Er is een lijst samengesteld met projecten die gemeenten en provincie al langer willen realiseren en met de cofinanciering van Rijk, provincie, gemeenten en bedrijfsleven in KTM2 daadwerkelijk kunnen realiseren. De projecten zijn in lijn met de regionale en gemeentelijke kaders die alle gemeenteraden van de 21 MRE-gemeenten eerder hebben vastgesteld. Deurne heeft voor het stationsgebied het auto- en fietsparkeren aangedragen. Dit is vervolgens in MRE-verband afgewogen en goedgekeurd.
Stationsgebied cruciaal voor schaalsprong Deurne en regionale bereikbaarheid
Het stationsgebied van Deurne ontwikkelt zich steeds nadrukkelijker tot een regionale vervoershub, een rol die essentieel is voor de toekomstige schaalsprong van onze gemeente. Deurne vervult een belangrijke schakelpositie tussen de Brainportregio, Noord-Limburg en het landelijke spoorverkeer. Dagelijks maken duizenden reizigers gebruik van het station – forenzen, scholieren, bezoekers én overstappers uit de omliggende dorpen.
Met de verwachte groei van woningbouw, bedrijvigheid en mobiliteitsbehoefte neemt het belang van een vlot, veilig en toekomstbestendig station verder toe.
IHP Station Deurne – stap 3
Het Integraal Handelings Perspectief (IHP) Station Deurne is een breed onderzoek waarin gemeente Deurne, provincie, ProRail, NS en regionale partners samenwerken aan een toekomstbestendige ontwikkeling van het stationsgebied. Het doel: het station stap voor stap verbeteren op het gebied van veiligheid, toegankelijkheid, verkeersafwikkeling, ruimtelijke kwaliteit en de functie als regionale mobiliteitshub. Goed kunnen parkeren en een ongelijkvloerse kruising zijn daarbij van groot belang.
Stap 3 is de fase waarin de globale plannen worden uitgewerkt tot concrete ontwerpen, kostenramingen en uitvoeringsvarianten. In deze fase worden:
- de mogelijke oplossingen technisch verder uitgewerkt;
- de financiële consequenties geactualiseerd;
- keuzes voorbereid voor de gemeenteraad;
- verschillende projecten – zoals de ongelijkvloerse kruising – in samenhang bekeken;
- eerdere subsidies (zoals het Korte Termijn Maatregelen 2 en het Maatregelenpakket A67) meegenomen in het totaalbeeld.
Met stap 3 ontstaat dus een integraal, uitvoerbaar pakket aan maatregelen voor het hele stationsgebied. De gemeenteraad wordt op een later moment betrokken voor besluitvorming over deze verdere uitwerking.